Publicatie Wegener, Ladakh Motor Challenge
   HOME  | PUBLICATIES  | LADAKH MOTOR CHALLENGE  | MOTORREIZEN |

 tekst: Corno van den Berg

OP DE MOTOR DOOR DE HIMALAYA

Motorrijden en avontuur gaan niet samen op onze vlakke wegen met strak georganiseerd verkeer. Zo anders is het in het Himalaya-gebergte in India, goed voor absolute wanorde vol uitdagingen en verrassingen in een decor van oneindige vergezichten. Met als topper de hoogste bergpas ter wereld. En dat alles op een ronkende Royal Enfield Bullet 500, een sierlijk overblijfsel van de Britse overheersing .  

Links rijden op smalle wegen, vol ravijnen en haarspeldbochten. Vrachtwagens zonder remlicht, overvolle bussen met overal uitstekende lichaamsdelen. De enige verkeersregel: het recht van de grootste. Zand, grind, rotsblokken en gaten zo groot als een badkuip. Koeien, ezels, schapen en jaks die midden op de weg staan of plotseling oversteken. Waardoor de claxon misschien wel het meest gebruikte voorwerp is. Het zijn slechts enkele voorbeelden uit het hectische verkeersbeeld in India.  

Ook de motor is anders. De achterrem zit aan de linkerkant en schakelen gaat via de rechtervoet. De eerste versnelling is omhoog, 2, 3 en 4 naar beneden. Precies andersom als in Nederland dus. Gelukkig maakt het geluid (dat veel lijkt op een Harley) veel goed; het echoot mooi tussen de bergen. Wat een ééntakt-motortje allemaal niet voor elkaar krijgt. Ook al moet je niet harder dan 100 willen….  

Tot slot is er de hoogte. Het vertrekpunt Leh, in de provincie Ladakh, ligt op 3500 meter. De ijle lucht maakt ademen en vooral slapen lastig. Al op de eerste dag krijgt een lid van de groep hoogteziekte. Hij stapt af, gaat eerst naar zijn bed en al snel daarna naar huis. De gids hamert daarna nog meer op het nuttigen van veel water, weinig zout en veel suiker. 


Je gaat je bijna afvragen waarom je elke dag weer op die motor stapt. Maar langzaam wordt de ervaring een kick; en de angst verandert in adrenaline. Rij je de eerste dagen continu met je hersenen; het automatisme neemt het langzaam over. En durf ik met een gerust hart om me heen kijken. Onder mijn wielen rollen de landschappen voorbij. Wild stromende rivieren, wandelende zandduinen, bossen in kleurrijke herfsttooi en vooral veel eindeloze rotspartijen. In een breed kleurenpalet en in soms onmogelijke formaties.

De tocht voert over diverse bergpassen, die geregeld de 5000 meter passeren. Ladakh betekent immers het ‘land van de hoge passen’. Met talloze stops onderweg. Eeuwenoude kloosters met mannelijke en opvallend genoeg ook vrouwelijke monniken, vreemd ogende wilde ezels en Tibetaanse Mastiffs rond de tent. Dit is één van de oudste hondenrassen ter wereld. Ze worden tegenwoordig vooral gebruikt voor de bewaking van het vee.

Op één van de vele dorre grasvlaktes zie ik plots een hutje, in de verte graast een groepje berggeiten en jaks. In Ladakh leven nog zo’n 30.000 nomaden die met hun vee hoog in de bergen leven. De vrouw raapt gedroogde uitwerpselen bijeen voor het kacheltje. De man repareert het tentzeil. Hun gezichten zijn door het harde leven getekend. Intense kou (tot min veertig in de winter), immense hitte (tot ruim veertig graden overdag) gaan hand in hand met zandstormen en sneeuw. Om maar niet te spreken van de ruim 200 aardbevinkjes die dagelijks dit jonge gebergte opschudden. Dit moet het hardste leven op aarde zijn.  


Plotseling springt een jak vanachter een rots voor mijn motor, een uitwijkpoging heeft geen zin. Op slechts dertig centimeter mis ik de immense koe. Het is één van de ‘even slikken momenten’. Een mooie afwisseling met het dagelijkse stof happen, want neus en mond proberen continu de halve Himalaya te absorberen. 


Het ultieme doel is de beklimming van de
Khardung La, volgens het Guiness Book of Records de hoogst berijdbare bergpas ter wereld op 5606 meter. De dag ervoor is het ruig weer. Een plotseling opstekende zandstorm is de ultieme test voor de motorkleding en helm. Gelukkig had ik toch al geen problemen met ademen. Als ik de volgende ochtend omhoog kijk zie ik dat de bewolking gevolgen heeft gehad; de bergtoppen liggen vol sneeuw.

De rit start op 3000 meter en voert gestaag omhoog. In de verte is de pas te zien; en de sneeuw. De laatste acht kilometer levert drie uur ploeteren op in de verse sneeuw. Het kopje thee op de top smaakte nog nooit zo goed. Slechts de helft van de groep komt boven, de rest krijgt hulp van een monnik. Op blote voeten en met simpel gemak haalt hij de motoren op, waardoor sommige groepsleden ietwat mistroostig worden.


’s Avonds verandert er iets in de groep. Twee notoire klagers over de beperkte trekkracht en het lastige schakelen van de motoren zijn toch wel onder de indruk van het beestje. Ze vragen naar de prijs van de motor. Die is schappelijk; nog geen 2500 euro voor een nieuwe. Dus besluiten ze er ieder één te laten verschepen naar Nederland. Het is vooral een tastbare herinnering aan het grensverleggende avontuur in de Himalaya.


   HOME  | PUBLICATIES  | LADAKH MOTOR CHALLENGE  | MOTORREIZEN |