|
Vietnam,
land van duizend en één bochten, land van supervriendelijke
mensen, land van heerlijk eten, land van rijstterrassen in
tientallen kleurschakeringen, land van kleurrijke marktjes, land voor de motorrijder op zoek
naar een relaxed motoravontuur.
De
vakantie begint pas echt in het oude gedeelte van Hanoi, door
de Franse koloniale macht destijds Cité Indegene genoemd. Oud
Hanoi bestaat uit een wirwar van gezellige straatjes, bruisend
van de activiteit en een breed scala aan open lucht
restaurants. De volgende dag gaan we met een privé busje naar
Ninh Binh, de oude hoofdstad van Vietnam, waar de
motoren voor ons klaar staan. De omgeving rond Ninh Binh en
het Pu Luong park wordt ook wel Halong Bay op land genoemd
omdat ook hier, net als aan de kust, de kalkstenen rotsen
stijl uit het landschap omhoog rijzen.
Als we onze vervoermiddel voor de komende weken ophalen merken
we dat we niet de enige tweewielers te zijn. Honderden en
honderden brommers en scooters passeren links, rechts en als
het had gekund, boven en onder, onze Minsk motor Met
een glimlach om de mond verlaten we de prettige chaos
van de stad.
De weg voert ons door het nationale park, langs rijstvelden en
rustieke dorpjes naar Phu Luong waar we de avond door brengen
bij een Muong familie, de eerste minderheidgroep die we op
onze reis door het noorden tegen zullen komen. Alles wordt uit
de kast gehaald om het ons zo prettig mogelijk te maken, een
geweldig diner met groenten uit de tuin en als afsluiting een
paar glazen lokaal gestookte korenwijn. Dat belooft wat voor
de komende tijd!
De hele route naar Sapa in het noorden gaat over B-wegen,
landweggetjes, paden en asfalt, soms onverhard over het
platteland de bergen in. Rijst- en maďsvelden wisselen elkaar
af en overal zien we mensen die op het land werken. De Minsk
wordt ook wel “de buffel van Vietnam” genoemd. Degelijk,
oersterk, en betrouwbaar.
Het dorp Sapa wordt ook wel “de koningin van het Noorden”
genoemd en om er te komen rijden we twee dagen dwars door de
bergen en de gebieden van de verschillende bergvolken zoals
Lao, Lu, Dao, en rode H’mong. Tja, de Vietnamese taal is een
tongbreker… De bevolking is meer dan vriendelijk, jong en
oud blijft zwaaien als we weer een bocht om komen. Het
geweldige wegdek en de werkelijk honderden bochten zorgen
ervoor dat je aan het einde van je vakantie je bochttechniek
tot in de puntjes verfijnt hebt.
Op het hoogste punt van de reis, de Poorten van de Hemel,
hebben we een prachtig uitzicht over de vallei en de hoogste
berg van het land, de FanXiPan. Sapa is zo gezellig dat we er
een extra dag vrij nemen.
In de omgeving van Sapa is altijd wel een lokale markt te
bezoeken waar de lokale bevolking in klederdracht de eigen
verbouwde waar verkoopt. Een pracht aan kleuren en gezellige
activiteit, waar menig volwassen varken anders over denkt als
hij vastgebonden achter op een brommertje mee naar huis
genomen wordt. We vervolgen onze weg richting het oosten en
door het vizier van onze helm zien we afbeeldingen van
ansichtkaarten aan ons voorbijflitsen. Omringt door bergen
voert de weg ons door een droomlandschap waar we ruim de tijd
zullen nemen voor het maken van - mentale - foto’s. Er is
zelfs eén stuk van de reis die te boek staat als “één van
de mooiste wegen voor een motorrijder”: de weg van Dong Van
naar Meo Vac. Deze
22 km
lange weg slingert zich langs de berghellingen terwijl diep
onder je de kolkende Nho Que rivier de zelfde route volgt.
De route naar Ba Be staat niet eens op de kaart, een
lokale gids kent de weg hier echter op zijn duimpje en zonder
te verdwalen rijden we over een wirwar van smalle dijkjes,
door rijstvelden, door bamboebossen en zijn een onderdeel van
de omgeving. Rieten punthoedjes kijken op van het zware werk
als we in een rustig tempo langs knorren. De tijd heeft hier
stil gestaan. Een smal pad leid ons door bergen van kalksteen
en door tropisch regenwoud naar het meer van Ba Be, waar we
vanaf de veranda van een Tay familie de zon zien ondergaan. Oh
ja, zoals inmiddels al gewoonte is geworden, genietend
van lokaal gestookte rijstwijn.
Om de
grote weg te vermijden rijden we via het Tam Dao Nationale
Park richting Hanoi. De tropische vegetatie verandert
geleidelijk in alpine vegetatie als we er ’s avonds
overnachten. Het is ongelooflijk de verscheidenheid aan
landschappen waar we de laatste twee weken doorheen gereden
zijn.
Als we een dag later in Hanoi vanaf een dakterras de chaos
onder ons weer bekijken denken we weemoedig terug aan de
betrouwbare Minsk, aan de eindeloze rijstvelden in tientallen
kleurschakeringen groen, aan de nevel rond Sapa, aan de kleine
dorpjes waar hangbuikzwijnen in de grond wroeten onder
hardhouten paalwoningen, aan de supervriendelijke bevolking,
aan de 1000 en meer bochten die we gedraaid hebben, aan de
bizar gevormde bergtoppen, aan de kleurrijke marktjes, aan het
heerlijke eten en aan iets te veel rijstwijn de laatst avond.
Vietnam: een prachtige relaxte motorbestemming voor zowel de
motorrijder maar zeker ook de motorrijdster.
|